
"Wij verklaren u schuldig aan laster. Als verzachtende omstandigheid kan gelden dat het eerder uit onwetendheid dan uit boos opzet is geschied. Het feit blijft echter bestaan dat een eerbare vrouw in haar goede naam is aangetast. Dat kunnen wij als gerecht niet gedogen. Daarom zult u (..) vanuit het Katrijnenklooster blootsvoets en met ongedekt hoofd een brandende kaars van een pond brengen naar het Onze Lieve Vrouwenaltaar in de parochiekerk. Daar zult u de Heilige Maria, de behoedster van alle vrouwen, smeken om vergiffenis.
Met neergeslagen ogen hoorde de vrouw haar straf aan. Hij viel haar zwaar. Niet alleen was het op blote voeten een lange weg (..), de vernedering was het ergst. Getrouwde vrouwen hielden in het openbaar hun hoofd bedekt. Om met loshangende haren over straat te moeten gaan, aangestaard door iedereen, was een gevoelige straf."
De rechters die deze uitspraak doen, zijn ook schepenen (bestuurders) van de stad. Eén van hen is de echtgenoot van de veroordeelde vrouw.
Citaat en informatie uit 'De eer van de familie' van Marian de Haan. Haar boeken zitten vol informatie over gewoontes en zeden uit de 14e eeuw. Leuk en onderhoudend.


Visit www.historical-novel.com for an English version of this website.
