Boekhandelaar Guillame Pradel heeft het goed in het Amsterdam van 1638. De zaken lopen voorspoedig in het handelscentrum van de wereld. Zijn verlangen naar kennis en wetenschap kan hij dagelijks stillen; voldoende mensen en boeken om voortdurend bij te leren. Hij ontmoet astronoom Galilei, cartograaf Mercator, filosoof Descartes en wiskundige Simon Stevin.
Hij komt uit een geslacht van drukkers, uitgevers en handelaren. Oorspronkelijk uit Lyon in Frankrijk. Steeds verder naar het noorden getrokken op de vlucht voor vervolging en de brandstapels.
Hij kijkt terug, nu op zoek naar kennis over zijn voorgeschiedenis; een droevige aaneenschakeling van armoede en verraad uit angst voor de inquisitie die alle ketterij van de aardbodem verbannen wilde.