Elsje Christiaens uit Jutland reist naar Amsterdam. Daar verwacht ze haar zus te vinden, en een goed leven. Op zoek naar haar zus zwerft ze vol verbazing en verwondering door Amsterdam.
Als haar hospita dreigt haar het huis uit te zetten omdat ze maar geen geld krijgt, slaat Elsje haar dood. Ze krijgt de doodstraf. De halve stad loopt uit om de wurging van de achttienjarige vrouw mee te maken.
Een schilder in zijn nadagen mijmert over zijn leven. Zijn zoon doet hem verslag van de terechtstelling. De schilder gaat naar het galgenveld en vereeuwigt haar in een tekening.